Als je de grens van Hongarije met Oekraïne passeert kom je al snel in Berehove. Een stad met een centrale rol in de regio. Direct is zichtbaar dat je in een andere wereld beland bent. Oude en vervallen gebouwen en kapotte wegen. Een hele belevenis als je voor de eerste keer in Oekraïne komt.
In deze stad is veel armoe. En die armoede is sterk verergerd sinds het begin van de oorlog. Veel mensen met capaciteiten zijn gevlucht naar het westen. Hun plekken zijn vaak ingenomen door mensen die vanuit het Oosten gevlucht zijn en niet de mogelijkheid hebben door te reizen naar het Westen. Kansarme gezinnen zijn achtergebleven. De sociale samenhang is sterk verzwakt.
In deze context neemt het Arendsnest een bescheiden, maar tegelijkertijd een belangrijke en stabiele plek in. In een tweetal tegenover elkaar gelegen panden worden kinderen opgevangen die dat o zo nodig hebben. Deze opvangplek, dit veilige nest, is in 2003 gegrondvest door Flora Brokaar uit Nederland. Zij heeft met haar gezin 7 jaar in Berehove gewerkt en gewoond en gebouwd aan een veilige plek waar kinderen zichzelf kunnen zijn en tegelijkertijd ook bekend worden gemaakt met de liefde van Christus, die ook voor elk kind persoonlijk realiteit mag zijn.
In een ruime woning met veel kamers, wonen doorgaans 6 – 10 kinderen, die hier een gezinsvervangend huis hebben. Momenteel zijn 4 van de kinderen afkomstig uit één gezin. Hun vader is niet in beeld en de moeder heeft een drankprobleem en is niet in staat voor hen te zorgen. Het is uniek dat het Arendsnest aan alle vier de kinderen een plek kan bieden, waar ze – als was het een gewoon gezin – kunnen opgroeien. De projectleider van de 24-uurs opvang, Ira Tovt, is al vele jaren het gezicht van de opvang en zorgt als een moeder voor de kinderen. Ze wordt daarin bijgestaan door een team van 3 anderen, die afwisselend een deel van de zorgtaken voor hun rekening nemen.
De kinderen gaan normaal naar school en doen door de week meestal mee met het programma in het groene huis (zie hierna).
De toewijzing van de kinderen vindt plaats in samenwerking met de jeugdzorginstanties.
Tegenover de 24/7 opvang staat het ‘groene huis’. Een gezellige woning met een diepe tuin. Na schooltijd – tussen 2 en 3 uur – vallen de kinderen hier letterlijk naar binnen. Ze krijgen eerst een warme maaltijd zodat ze met gezonde energie hun middagprogramma kunnen doen. Waar nodig worden ze ondersteund met huiswerk, doen een spelletje, krijgen bijbels onderwijs, maken muziek en razen buiten in de tuin met een grote panna kooi uit door middel van sport en spel.
Om zes uur krijgen ze de avondmaaltijd en gaan dan terug naar hun huizen. Het zijn kinderen uit de zwakkere gezinnen. Moeders die er alleen voor staan. Soms een oma die zorgt voor haar kleinkinderen omdat de ouders uit beeld zijn. Vaak is er alcohol of andere verslaving aan de orde. Deze opvang maakt het leven (veel) dragelijker voor de kinderen. Het is een ondersteuning die maakt dat uit-huis-plaatsing niet aan de orde hoeft te zijn. Het alternatief is de Oekraïense jeugdzorg: Het is beslist geen pretje om in een land als Oekraïne in een kindertehuis geplaatst te worden.
Na het uitbreken van de oorlog leek het voortbestaan van dit onderdeel aan een zijden draadje te hangen. Het grotere deel van het team vluchtte de grens over naar Hongarije. Ook de leider van het project volgde na verloop van tijd de rest van haar gezin naar het Westen. Gelukkig werd er voorzien in een goede en toegewijde opvolging. Hajnalka Barta werd op het spoor van dit mooie werk gezet en geeft sindsdien leiding aan dit onderdeel van het Arendsnest. Ook de andere plekken werden ingevuld door een kokkin, een Hongaarse zendingswerker en een aantal jonge studenten. Met z’n allen zorgen ze ervoor dat de groep van 15 – 20 kinderen 5 dagen in de week worden opgevangen.
De eindverantwoordelijkheid voor het Arendsnest viel oorspronkelijk onder de verantwoordelijkheid van Kelet Europia Misszió, gelieerd aan de Nederlandse organisatie Childrens Relief (OostEuropaZending). Vanuit die organisatie is Fodor Sándor betrokken als projectcoördinator, met als achterwacht Péter Gábor, die als senior zendingswerker, aan de basis stond van veel andere projecten in Berehove en omgeving.
In de loop van de jaren is het Arendsnest verzelfstandigd als project en sinds 2016 verbonden aan stichting Oekraïne Projecten in Nederland. Deze stichting ondersteunt meerdere projecten in het gebied en zorgt vanuit Nederland voor de benodigde financiering en draagt waar nodig kennis en middelen aan om het werk vorm te geven.
Jaarlijks is er € 50000 nodig om te kunnen voorzien in alle kosten. Fodor Sándor houdt in samenwerking met de twee projectleiders de boekhouding bij en doet dat al vele jaren zeer nauwgezet. Met hem heeft de werkgroep Arendsnest van Oekraïne Projecten van tijd tot tijd afstemming en contact.